We regelen tijdens ons leven verrassend veel voor later.
Misschien heb je een testament. Misschien heb je vastgelegd wat je wilt als je zelf niet meer kunt beslissen. Je hebt nagedacht over begraven of cremeren. Over muziek. Over wie er iets mag zeggen. Misschien zelfs over waar je afscheid wilt nemen.
En dan is er iets opvallends.
De kist zelf?
Die wordt vaak pas een onderwerp wanneer hij daadwerkelijk nodig is.
Als er ineens haast is
Na een overlijden komt er in korte tijd veel op nabestaanden af. Er moeten mensen worden geïnformeerd, afspraken worden gemaakt en keuzes worden gemaakt over het afscheid.
Veel tijd is er niet. In Nederland vindt een begrafenis of crematie in principe uiterlijk zes werkdagen na het overlijden plaats.
En ergens tussen al die beslissingen moet ook worden bepaald:
Welke kist?
Welke vorm? Welk hout? Eenvoudig of uitbundig? Wat past bij degene die is overleden? En wat mag het kosten?
Dat zijn op zichzelf helemaal geen onmogelijke vragen.
Alleen is het misschien niet het ideale moment om ze te stellen.


Je kunt die keuze ook zelf maken
Je mag tijdens je leven zelf bepalen hoe je je afscheid wilt regelen en die wensen ook vastleggen. Daar is geen uitvaartondernemer voor nodig.
Waarom zou de keuze voor je kist daar geen onderdeel van kunnen zijn?
Sterker nog: waarom zou je hem alleen kiezen?
Je kunt hem ook zelf maken.
Niet wanneer je ziek bent. Niet wanneer er haast is. Maar gewoon nu. Omdat je het een mooi idee vindt.
Een uitvaartkist hoeft geen artikel uit een catalogus te zijn
Een kist is uiteindelijk een houten object. En hout biedt oneindig veel mogelijkheden.
Je kunt kiezen voor strak en eenvoudig. Voor traditioneel. Voor massief eiken, essen of een andere geschikte houtsoort. Je kunt een bijzondere verbinding gebruiken of juist alles zo sober mogelijk houden.
Misschien wil je hout gebruiken waar al een verhaal aan zit.
Een plank uit de oude eettafel van je ouders.
Hout van een boom uit je eigen tuin.
Een klein onderdeel van een kast die altijd bij de familie heeft gehoord.
Dan ontstaat iets heel anders dan een kist die op het laatste moment wordt uitgezocht. Het wordt een voorwerp waarin al een stukje leven zit.
En waarom zou het tot die tijd een kist moeten zijn?
Dat was voor mij uiteindelijk de interessantere vraag.
Stel dat je op je zestigste iets voor later maakt en je wordt negentig.
Moet dat ding dan dertig jaar ergens in een schuur of op zolder staan?
Dat vind ik eigenlijk zonde.
Goed gemaakt hout kan immers veel langer mee dan wij. Dus waarom maken we er niet eerst een meubel van?
Een bank bijvoorbeeld.
Een daybed.
Een dekenkist.
Misschien zelfs een boekenkast.
Een meubel dat gewoon in je huis staat. Dat gebruikt wordt. Dat verkleurt door het licht, af en toe opnieuw wordt geolied en waarschijnlijk hier en daar een kras oploopt.
Een meubel waar mensen op zitten, waar kinderen tegenaan botsen en waar misschien kleinkinderen op klimmen.
En pas veel later krijgt het een andere functie.
Een meubel voor nu. Een kist voor later.
Dan moet het natuurlijk wel echt jouw meubel zijn
Daar zit voor mij een belangrijk verschil.
Ik wil niet simpelweg een kist of bank voor iemand maken en hem daarna afleveren. Dat kan iedere goede meubelmaker.
Bij Kistvoorlater gaat het juist om het zelf maken.
We beginnen met koffie. Met praten en kijken. Wat vind je mooi? Wat juist niet? Wil je een traditionele vorm of absoluut niet? Zit er een verhaal achter het hout? Wil je alleen komen of samen met je partner, zoon of dochter?
Daarna ontwerpen we het meubel samen.
En vervolgens gaan we de werkplaats in.
Je hoeft daarvoor geen meubelmaker te zijn. Dat ben ik al.
Ik leer je zagen, schaven, frezen, lijmen en de andere technieken die voor jouw project nodig zijn. Wat je zelf kunt, doe je zelf. Waar iets ingewikkeld of onveilig wordt, help ik.
Niet door mij gemaakt. Met mij gemaakt.


En als het meubel klaar is?
Dan gaat het naar huis.
En vervolgens gebeurt er hopelijk lange tijd helemaal niets bijzonders mee.
Je gebruikt het.
Dat is precies de bedoeling.
Bij het meubel hoort wel een document: het Kistpaspoort.
Daarin leggen we vast wie het meubel heeft gemaakt, welke materialen zijn gebruikt, wat het verhaal achter het ontwerp is en hoe het meubel — als dat ooit nodig is — kan worden omgebouwd.
Ook de technische gegevens en instructies voor later worden daarin bewaard.
Zo hoeft iemand over twintig of dertig jaar niet naar een bank te kijken en zich af te vragen:
Hoe had pa dit eigenlijk bedacht?
Dat staat beschreven.
Is dit niet een beetje morbide?
Dat zal niet iedereen hetzelfde ervaren.
Voor mij gaat het eigenlijk nauwelijks over doodgaan.
Het gaat veel meer over zelf bepalen.
Over iets met je handen maken.
Over goed materiaal.
Over samen een paar bijzondere dagen in een werkplaats doorbrengen.
En misschien ook een beetje over het prettige idee dat één keuze die later door anderen gemaakt zou moeten worden, al gemaakt is.
Zonder haast.
Op een moment waarop er nog alle tijd voor was.
Niet voor iedereen
Kistvoorlater hoeft ook helemaal niet voor iedereen te zijn.
Je moet het idee leuk vinden.
Misschien heb je iets met hout of meubels. Misschien regel je dingen graag zelf. Misschien vind je het gewoon een mooie gedachte dat jouw laatste meubel niet uit een catalogus komt.
Of misschien roept het idee onmiddellijk iets anders bij je op.
Ik zou helemaal geen bank willen. Ik zou…
Dan wordt het interessant.
Want dat is precies waar een nieuw ontwerp kan beginnen.
Sommige keuzes kun je beter maken als er geen haast is
Je hoeft nu niet te weten wanneer je het meubel ooit nodig hebt.
Liever niet zelfs.
Het mooie van Kistvoorlater is juist dat we daar niet op hoeven te wachten.
We kunnen gewoon beginnen met een plank hout, een potlood, een idee en koffie.
De rest zien we later wel.
Geïnteresseerd in het maken van jouw eigen Grafkist?
Wil je ook jouw eigen doodskist maken en ben jij benieuwd wat Coffin&Coffee voor jou kan betekenen? Neem vrijblijvend contact met ons op.


